Haten van je familie?

Als iemand tot Mij komt en niet haat zijn eigen vader en moeder en vrouw en kinderen en broers en zusters, ja, ook zelfs zijn eigen leven, die kan Mijn discipel niet zijn. (Lucas 14:26)

Jezus bedoelt hier dat het veel belangrijker is om Hem lief te hebben dan iets of iemand anders, met inbegrip van je eigen familie en leven.

Ten eerste moeten we dit vers in Lucas 14:26 in de context van het hoofdstuk nemen. Jezus leert zijn discipelen, en als een goede leraar begint Hij met een stelling die moeilijk te begrijpen is om zo zijn leerlingen tot nadenken te stemmen. Hij verklaart de moeilijke uitspraak met een metafoor.

Maar bedoelt Jezus dat we onze ouders en familie moeten haten?
Het woord haten heeft niet altijd de betekenis van werkelijk haten in de zin zoals wij het nu alleen maar kennen. Dat volgt uit de tekst zelf wel, want er staat dat we ons eigen leven moeten haten.

Jezus geeft er natuurlijk ook helemaal geen blijk van zelfs maar iemand te haten. Zelfs voor de mensen die Hem kwaad deden, bad Hij. Hij leert ons dat we onze vijanden moeten liefhebben (Matteüs 5:44). Hoe kun je je vijanden liefhebben en je naaste familie haten? Dat is tegenstrijdig. Maar je kunt wel van iemand houden, en tegelijk nog veel meer God liefhebben. Het is zelfs zo, dat wie God meer liefheeft dan de mensen, van de laatsten ook meer gaat houden. God liefhebben doe je niet ten koste van anderen. Integendeel.

Wat bedoelt Jezus dan in Lucas 14:26?
Hij wil duidelijk maken wat het inhoudt om een volgeling van Hem te zijn. Het allerbelangrijkste daarbij is liefde. Niemand kan Jezus volgen, die niet van Hem houdt. Jezus zegt dat het veel belangrijker is om Hem lief te hebben dan iemand anders, met inbegrip van je eigen ouders en familie.
Natuurlijk vertelt Hij mensen niet om hun ouders en familie te haten. Hij zegt dat, in vergelijking met Hem, je meer van Hem moet houden dan al het andere.
De bedoeling is dat als we de keus moeten maken tussen Jezus en onze familie, we voor Jezus moeten kiezen en dwars tegen de vijandschap van familie in of dwars tegen de begeerten van ons eigen leven in Hem de eerste plaats moeten geven. Hij moet ons boven alles gaan.
Haten betekent in dit verband dus: laten varen, op de tweede plaats stellen.

Jezus leert over de kosten van het volgen van Hem. De clou is in Lucas 14:33 wanneer Jezus zegt:
Zo kan dan ieder van u die niet alles wat hij heeft, achterlaat, geen discipel van Mij zijn.
Het gaat om wat we bereid moeten zijn te doen om Jezus te volgen. Het gaat over het opgeven van alles, zelfs onze levens voor Hem. Hij zegt niet, “door dit te doen zal je in de hemel komen”. Jezus leert duidelijk dat we door het geloof in Hem het eeuwige leven hebben (Johannes 3:16). Door Zijn kruisdood hebben we de vergeving van zonden (Romeinen 6:23).
Echter zijn wij als zijn volgelingen bereid om Hem op de eerste plaats te zetten en de belangrijkste mensen in ons leven op de tweede plaats? Dus als b.v. je ouders je verbieden om Jezus te volgen, moet je ze niet gehoorzamen.
Gelukkig hebben velen van ons nooit in een situatie gezeten waar we tussen Jezus en onze ouders en familie moeten kiezen. Maar stel je voor dat je door islamitische terroristen was gevangen en ze vragen je om Jezus Christus te ontkennen, te kiezen tussen Jezus ontkennen/afwijzen of blijven leven? Jezus zegt dat je Hem moet kiezen.
Maar het kan subtieler zijn dan dit. In de stress van het werken en de eindjes aan elkaar knopen kunnen we geneigd zijn om kerkactiviteiten af te bouwen of af te zien van de Bijbel te lezen of te bidden omdat we geen tijd hebben. Misschien zijn de dingen waar je hard mee bezig bent, goede dingen die je kinderen in staat stellen om beter te leren. Jezus zegt dat deze dingen niet ten koste moeten gaan van Hem te volgen en te gehoorzamen.
Het is niet makkelijk, maar Jezus belooft dat Hij in al onze behoeften zal voorzien. Zie Matteüs 6:25-34 en Markus 10:17-31. Beide passages gaan over Gods rijke voorziening voor degenen die proberen Jezus boven alles te volgen.

Bronnen en meer informatie

Reacties zijn afgesloten.